Het geschiktheidsonderzoek is een vast onderdeel van het oriƫntatietraject. Maar wat houdt dit onderzoek precies in? We stelden Bruna Heezen een aantal vragen over haar ervaringen. Zij doorliep onlangs zelf het geschiktheidsonderzoek.
Het geschiktheidsonderzoek bestond uit meerdere samenhangende onderdelen die samen een compleet beeld gaven van mij als docent in wording.
Het portfolio was een belangrijk onderdeel. Hierin heb ik mijn werkervaring, opleidingen, vrijwilligerswerk en andere relevante kennis en ervaring beschreven. Daarbij heb ik mijn achtergrond buiten het onderwijs moeten vertalen naar de competenties van een docent: hoe mijn ervaring met mensen, begeleiden, plannen, communiceren en ontwikkelen aansluit bij het werken met leerlingen en het onderwijs.
Daarnaast heb ik een les moeten ontwikkelen, voorbereiden en geven. Deze les werd bijgewoond door de assessoren, die observeerden hoe ik voor de klas stond, hoe ik met leerlingen werkte en hoe ik mijn didactiek en klassenmanagement toepaste.
Na de les volgden gesprekken met de assessoren. Eén gesprek ging over de gegeven les en mijn reflectie daarop. Daarnaast was er een interview over mijn portfolio, mijn achtergrond, motivatie en ontwikkeling.
Op basis van al deze onderdelen gaven de assessoren een oordeel of ik geschikt ben om binnen maximaal twee jaar mijn tweedegraads bevoegdheid te behalen via het zij-instroomtraject.
Ja. Voor de voorbereiding op het geschiktheidsonderzoek en het invullen van mijn portfolio werd ik vanuit de lerarenopleiding goed ondersteund. Ik kreeg duidelijke documenten en een vast portfolioformat waarin precies stond beschreven welke onderdelen moesten worden aangeleverd en hoe deze onderbouwd moesten worden.
Daarnaast kreeg ik een portfoliobegeleider toegewezen, met wie ik vooraf de verwachtingen, het format en de opbouw van het portfolio heb doorgenomen. Samen hebben we gekeken naar wat er gevraagd werd en hoe ik mijn ervaring en bewijsmateriaal het beste kon presenteren. Dat gaf veel duidelijkheid en zorgde ervoor dat ik gericht en met vertrouwen aan het portfolio kon werken.
Ik heb het geschiktheidsonderzoek gedaan nadat ik al was gestart als zij-instromer in het voortgezet onderwijs. Ik stond dus al voor de klas en werkte al binnen een school, waardoor ik praktijkervaring kon meenemen in mijn portfolio en in de gesprekken tijdens het onderzoek.
Ik heb het geschiktheidsonderzoek als intensief, maar ook heel leerzaam ervaren. Het dwong mij om scherp te kijken naar mijn kwaliteiten, mijn handelen in de klas en mijn ontwikkelpunten.
De uitkomst was positief: ik werd geschikt bevonden voor het zij-instroomtraject en mocht starten met het ZIB-traject voor mijn tweedegraads bevoegdheid D&P. Dat gaf veel vertrouwen en bevestiging dat ik op de juiste plek zit in het onderwijs.
Ik vind het geschiktheidsonderzoek zeer waardevol. Het geeft je veel zelfinzicht: je ziet duidelijk op welk niveau je zit en wat je nog te ontwikkelen hebt als docent.
De assessoren zijn kundig in het herkennen en vertalen van werkervaring en kennis van buiten het onderwijs naar de competenties en bekwaamheden die een leraar nodig heeft. Vooraf wist ik zelf niet eens hoeveel ik al kon en wist; het onderzoek heeft dat zichtbaar gemaakt.
Mijn belangrijkste tip is: doe het geschiktheidsonderzoek bij voorkeur vóór of helemaal aan het begin van je werkzaamheden als docent. Dat geeft vanaf het startpunt duidelijkheid over je niveau, je ontwikkelpunten en je leerroute.
Daarnaast: wees eerlijk, gebruik concrete praktijkvoorbeelden en vertrouw op je eigen achtergrond. Juist wat je meebrengt van buiten het onderwijs is vaak je kracht.

Foto: Bruna Heezen